Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?
Nalco, een wereldwijde Eco-lab-organisatie, is voornemens de research- en developmentactiviteiten in Delden te sluiten. Daardoor komen 26 arbeidsplaatsen te vervallen. Hierover wordt op 1 juli 2016 advies gevraagd aan de or. Deze vindt dat hij te laat bij de besluitvorming wordt betrokken en wil alleen positief adviseren wanneer er overeenstemming wordt bereikt over een sociaal plan. Op 26 augustus heeft Nalco haar besluit meegedeeld, waarin staat dat er verder wordt overlegd met de vakbonden, maar dat het besluit niet wordt aangehouden in afwachting van de uitkomst ervan. De ondernemingsraad tekende daartegen beroep aan. Het overleg met de vakbonden leidde niet tot overeenstemming.
Ondernemingskamer
Het voorgenomen besluit is ingrijpend van aard: sluiting van de gehele R&D-afdeling in Delden, met als gevolg dat deze werknemers boventallig worden verklaard. Kenmerkend is voorts dat het besluit op (internationaal) groepsniveau is voorbereid. Dit maakt de medezeggenschap complex.
Medezeggenschap zorgvuldig vormgeven
Op Nalco rust de plicht de medezeggenschap zorgvuldig vorm te geven opdat deze daadwerkelijk invloed kan hebben op het te nemen besluit. Zodra sluiting van de locatie Delden een aannemelijk scenario werd, had Nalco met de ondernemingsraad moeten overleggen over het adviestraject. Niet het moment waarop de sluiting als business case was uitgewerkt, maar het moment waarop die richting een reële optie werd, was het moment voor overleg als bedoeld in artikel 24 lid 1 WOR, althans voor een informeel overleg over de inrichting van het adviestraject. Bedoeld overlegmoment lag vóór 1 juli 2016.
Geen wezenlijke invloed
Het feit dat Nalco het voorschrift van artikel 24 WOR niet heeft nageleefd en ook overig overleg naliet, is in het traject daarna niet geheeld. De daadwerkelijke besluitvorming voltrok zich voor 1 juli. De ondernemingsraad kreeg te weinig mogelijkheid tot wezenlijke invloed op de besluitvorming. Tijdens de adviesaanvraag bestond al geen ruimte meer voor heroverweging van alternatieven die het Key Consultation Team (besluitvormend orgaan op concernniveau) had verworpen, ook niet op grond van argumenten die de ondernemingsraad aangedroeg. Het verzoek van de ondernemingsraad wordt toegewezen.
Commentaar
Art. 24 lid 1 WOR zegt dat in ieder geval bij de overlegvergadering, tenminste tweemaal per jaar, waar de algemene gang van zaken wordt besproken, de ondernemer de or moet informeren over de aanstaande adviesaanvragen en dat er afspraken gemaakt moeten worden over de betrokkenheid van de ondernemingsraad hierbij.
De Ondernemingskamer tilt zwaar aan dit voorschrift. In een eerdere uitspraak vond de rechter dat de ondernemer het verzuim in de adviesprocedure nog voldoende had hersteld. In dit geval was daarvan geen sprake meer.
Ondernemer heeft schijn tegen
De ondernemer heeft de schijn tegen als hij de ondernemingraad niet al in het voortraject informeert over een adviesaanvraag dat hij te laat is begonnen. Hij zal dan eens te meer duidelijk moeten maken dat de adviesaanvraag toch nog tijdig is en dat het advies nog daadwerkelijk invloed op het besluit kan hebben.
Bron: Ondernemingskamer 17 november 2016 ECLI:NL:GHAMS:2016:5232Auteur Loe Sprengers is advocaat bij Sprengers Advocaten
Krijg direct antwoord op jouw medezeggenschapsvragen met de ORnet chat. Speciaal ontwikkeld voor OR-leden en medezeggenschaps-professionals en gebaseerd op actuele, juridisch gecontroleerde content van ORnet.nl en de boeken Praktijkgids Ondernemingsraden, WOR Tekst & Commentaar en OR Jaarboek.