Aanpak obesitas in de bouw begint met een PAGO

Werknemers in de bouw zijn moeilijk te stimuleren tot een gezonde leefstijl. Toch pleit HZC voormeer aandacht voor obesitas in de bouw. Maar hoe dan? Wijs werknemers vooral op hun recht op een PAGO, zegt directeur-bestuurder Chris van Veldhuizen.

Aanpak obesitas in de bouw begint met een PAGO
Chris van Veldhuizen, directeur-bestuurder van HZC, de vakbond voor professionals in bouw, infra en aanverwante sectoren. Beeld: HZC

HZC zet zich in voor iedereen die werkt in grond-, weg- en waterbouw, groen- en railinfra en (verticaal) transport. Allereerst wordt vaak onterecht aangenomen dat wie in de bouw werkt vast wel voldoende beweegt, zegt Van Veldhuizen. "Mannen met ontbloot bovenlichaam die staan te zweten, dat is nog vaak hét beeld van de bouw. Maar er zijn ook veel mensen die nauwelijks bewegen op een werkdag. Denk bijvoorbeeld aan de mensen die de hele dag op machines draaien. Die zitten alleen maar."  

Die groep gaat bovendien niet zo makkelijk even een half uurtje lopen tijdens de pauze. "Stel, jij zit in een torenkraan, 80 meter boven de grond. Dan ga je niet zo snel naar beneden om na de pauze weer helemaal naar boven te moeten. Daarin speelt bovendien mee dat er een flink tekort is aan gespecialiseerde arbeidskrachten. Dus pauzes worden zelfs regelmatig overgeslagen. Weinig werkgevers moedigen hun personeel actief aan om wél pauze te nemen en die te gebruiken voor beweging." 

Hoe komt het dat dat meer bewegen op het werk niet wordt gestimuleerd?  

"Werkdruk en een tekort aan specifieke werknemers spelen een rol. Eigenlijk zouden er voldoende collega's moeten zijn, waardoor een kraanmachinist flexibelere tijden kan werken. En bijvoorbeeld vaker pauze kan nemen, om even te bewegen."  

"Ook werkgevers zouden daar alerter op moeten zijn en medewerkers moeten faciliteren om te sporten. Sommige bedrijven doen dat wel, andere slaan de plank echt mis. Ook bij werknemers met een relatief laag inkomen. Sommigen vragen aan hun werkgever om een gedeeltelijke vergoeding voor een sportschoolabonnement en horen dan dat ze dat zelf maar moeten regelen. Dan snijd je jezelf als werkgever uiteindelijk in de vingers. Want als je personeel omvalt, hoe vang je dat dan op met deze personeelskrapte? De kosten daarvan én de kosten van de uitgevallen werknemer zijn een veelvoud van die bijdrage aan een sportabonnement." 

Zouden werknemers dan thuis kunnen sporten? 

"De drempel om thuis te gaan sporten is voor veel werknemers in de bouw ook hoog. Om weer het voorbeeld van de torenkraanmachinist te nemen, zo iemand maakt vaak dagen van 10 of 11 uur. Hij is als eerste op de bouwplaats om de kraan goed in te stellen. En hij gaat als laatste weg, om de kraan goed af te sluiten of misschien zelfs helemaal weg te halen. Je begint om vijf uur 's ochtends en werkt tot zeven uur 's avonds. Als je dan thuiskomt, ben je vooral blij dat je nog even op de bank kunt hangen. Dus ga je niet naar de sportschool." 

Op welke manier is de werkcultuur van invloed op leefstijl? 

"Het meest lastige obstakel om obesitas en overgewicht in de bouw aan te pakken, is waarschijnlijk de cultuur. Het zijn toch vaak nog de stoere mannen die graag een frietje en een kroket eten in de kantine. Een collega die een salade neemt wordt nog vaak uitgelachen. Sterker nog, het komt in de bouw nog best vaak voor dat collega's die gezond willen leven daarmee worden gepest." 

Hoe kun je die cultuur aanpakken? 

"HZC heeft het HZC Praatcafé ontwikkeld. Wat maken medewerkers mee in de bouw? Hoe zit het met hun werkbeleving? Wat gaat er goed en welke zaken leveren irritaties op? Daarover kunnen ze het in het Praatcafé hebben. In tevredenheidsonderzoeken komen de irritaties niet naar boven. Daar voelen medewerkers een barrière om ongedwongen hun mening te geven. In het Praatcafé kan dat wel." 

"Tegelijk is het niet zomaar 'met elkaar praten'. Het Praatcafé is gebaseerd op een wetenschappelijk gefundeerde onderzoeksmethode. HZC werkt ervoor samen met het lectoraat Human Capital Innovations van de HAN (Hogeschool Arnhem Nijmegen) en onderzoeksbureau Imagro. Er zijn pilots gedaan bij onder andere Van 't Hek Hei- en Funderingstechnieken, Verschoor Mobiele Kranen Verhuur en Heijmans." 

Wat kunnen arboprofessionals in de bouw zelf doen om een gezonde levensstijl bij de werknemers te bevorderen? 

"Wijs werknemers in de bouw onder andere op hun recht op een periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO). Het recht op een PAGO is vastgelegd in de cao. Werknemers krijgen inzicht in hun gezondheidsrisico's en -klachten vanuit hun functie. Ook het risico op hart- en vaatziekten wordt in kaart gebracht. De bouwarts geeft daarnaast advies om risico's als gevolg van lichamelijk zwaar werk te voorkomen." 

"Van een PAGO wordt in de bouw nog relatief weinig gebruikgemaakt. In andere sectoren die een PAGO als recht in hun cao’s hebben vastgelegd, maken 80 tot zelfs 90% van de werknemers er gebruik van. In de bouw doet maar een kwart dat. Daarom zijn HZC, Volandis, het RIVM en diverse zorg- en arbo-organisaties een project gestart om het PAGO in de bouw bekender te maken. Dit project krijgt ondersteuning van ZonMw." 

"Ook willen we dat in de PAGO-gesprekken meer multidisciplinair gekeken gaat worden. Nu is het vooral nog medisch gericht: gesprekken met een arts. In de toekomst zou het ook mogelijk moeten zijn om mensen aan een welzijnswerker of psycholoog te koppelen." 

Welke andere instrumenten zijn er beschikbaar om aandacht te geven aan een gezonde leefstijl? 

"HZC wil samen met de beroepsvereniging van leefstijlcoaches, BLCN, onderzoeken hoe gebruik van leefstijlcoaching in de bouw te stimuleren is. Een Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) is een behandeling voor mensen met overgewicht en obesitas. Het doel is om via een gezondere leefstijl een gezonder gewicht te bereiken. Dit gebeurt door aandacht te besteden aan onder andere voeding, beweging, slaap en stress. Deelnemers werken hier twee jaar aan."  

"Sinds 2019 volgt het RIVM de ontwikkelingen rondom de GLI en de resultaten bij de deelnemers. Groot voordeel is dat de zorgverzekeraar die GLI's vergoedt. Het kost ook de werkgever dus geen geld. Deze GLI's zijn nog redelijk onbekend, waardoor er vooralsnog (te) weinig gebruik van wordt gemaakt."  

Literatuur

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.